Incident

Eind vorig jaar is een binnenvaartschip dat benzeen vervoerde tegen een stuw in de Maas gevaren. Er is slechts een zeer kleine hoeveelheid benzeen vrijgekomen, maar het had veel erger kunnen aflopen, zo stellen veiligheidsdeskundigen.

Op 2 februari is bij machinefabriek Stork in Dongen een ongeval met gevaarlijke stoffen gebeurd. Bij het overpompen van loog is een chemische reactie ontstaan. Er waren geen gewonden. De Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant heeft de BHV opgestart en het pand is ontruimd. Er werd gemeld dat het ging om de stof cardacid (maar waarschijnlijk is bedoeld: gardacid (red.)). De gevolgen waren alleen inpandig, en was geen hinder voor de omgeving.

De scheepvaart op de Maas tussen Sambeek en Grave is sinds 24 januari weer hervat. Er geldt geen maximale diepgang voor schepen meer. Ook de snelheidsbeperking van 10 km/h wordt opgeheven. Rijkswaterstaat heeft een tijdelijke breuksteendam achter de zwaar beschadigde stuw Grave gebouwd. Met deze dam heeft Rijkswaterstaat het waterpeil in de Maas tussen Grave en Sambeek hersteld.
  

De scheepvaart op de Maas tussen Sambeek en Grave is maandagmorgen 23 januari hervat. De scheepvaartbranche is geïnformeerd over de nautische details voor hervatting van de scheepvaart. De maximale diepgang die voorlopig toegestaan wordt op de Maas bij een waterstand van +7,00m NAP zal 2,60 m zijn (of net zoveel meer als dat de waterstand hoger is dan die +7,00m NAP bij meetpunt Grave Boven), met een maximumsnelheid 10 km/h.

Het CDA en de VVD hebben Kamervragen gesteld aan minister Schultz van Haegen (I&M) over het stuwongeluk bij Grave. Daar botste op 29 december 2016 een binnenvaartschip tegen de stuw bij de brug tussen Grave en Nederasselt. Het schip vervoerde benzeen, waarvan een kleine hoeveelheid vrijkwam. Er was geen gevaar voor de omwonenden.

Bij het lossen van een tankwagen bij chemisch bedrijf Sonneborn in de haven van Amsterdam is tussen de middag een kleine hoeveelheid zwaveltrioxide vrijgekomen. Dat kwam doordat er een pakking gesprongen was, waardoor lekkage kon optreden. Zwaveltrioxide reageert met water in lucht tot zwavelzuur. Dit leverde een witte zichtbare wolk. Het effectgebied van het incident is beperkt gebleven tot het eigen terrein, en er was geen gevaar voor omliggende terreinen of gebouwen. Er zijn geen gewonden gevallen.

Maandagavond 26 december werd een lekkende treinwagon gemeld op het station Sittard. De wagon is ter plaatse gecontroleerd en vervolgens afgesleept naar industrieterrein Chemelot voor verdere controle. Deze controle heeft uitgewezen dat het ging om gecondenseerd stoom, dus water. Het betrof dus geen lekkage van caprolactam, een grondstof voor de productie van nylon. De wagon is na deze controle en na overleg met de betrokken overheden weer opnieuw op transport gesteld. 

De Belgische overheid gaat een campagne beginnen om burgers preventief te informeren om zich nu voor te bereiden op een mogelijke noodsituatie met chemische stoffen later. Deze campagne zal eind 2016 opgestart worden in de 67 steden en gemeenten die op hun grondgebied minstens één Seveso-onderneming (in Nederland: Brzo-bedrijf) hebben. België telt 209 van dergelijke bedrijven.

Zaterdag 10 december ontspoorde in Bulgarije een goederentrein met gevaarlijke stoffen, waarna een tankwagon met propyleen explodeerde. Door de ontploffing kwamen zeker zeven mensen om het leven en raakten enkele tientallen gewond. Tot op 300 meter van de plaats van het ongeluk werden woonhuizen en andere gebouwen verwoest. De trein, waarvan twaalf wagons geladen waren met het zeer explosieve en brandbare gas, ontspoorde bij het station van het dorp Hitrino, op 380 kilometer van de hoofdstad Sofia. Een wagon raakte een elektriciteitsleiding en ontplofte.

Sinds 1996 zijn bedrijven verplicht incidenten met gevaarlijke stoffen te melden. De naleving van die meldingsplicht gaat de afgelopen jaren gestaag omhoog. Maar wat gebeurt er met die meldingen? En hoe kunnen we daar lering uit trekken?