Commissievoorstel snijvlak chemicalïën-, product- en afvalwetgeving

Print     PDF
Rubriek

In een brief aan de Tweede Kamer heeft waarnemend minister Kaag van Buitenlandse Zaken een fiche aangeboden opgesteld door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC). Dit fiche heet "Mededeling – Circulaire Economie: opties om te werken aan het snijvlak van chemicaliën-, product- en afvalwetgeving." Een fiche is een korte samenvatting van nieuwe (beleids)voorstellen van de Europese Commissie, waarbij aandacht uitgaat naar de gevolgen hiervan voor de Nederlandse (beleids)praktijk.

Zeer zorgwekkende stoffen

In het kader van het Actieplan Circulaire Economie heeft de Europese Commissie bekend gemaakt hoe zij verder wil gaan op het snijvlak van stoffen-, product- en afvalstoffenwetgeving. De aanwezigheid van zogeheten zeer zorgwekkende stoffen (zzs) in vele in omloop zijnde producten roept de beleidsvraag op of recycling van deze producten wenselijk is wanneer ze afval worden. Het voorstel van de Commissie bevat een aantal ideeën en acties om enerzijds hergebruik te maximaliseren en anderzijds het gebruik van zzs bij dat hergebruik te minimaliseren. In het nieuwe voorstel gaat de Commissie daarbij verder op dezelfde vier kwesties die in de raadpleging van voorjaar 2017 zijn benoemd, te weten:
1) informatie over de aanwezigheid van zeer zorgwekkende stoffen is niet gemakkelijk beschikbaar voor wie afval verwerkt met het oog op terugwinning;
2) afval kan stoffen bevatten die niet langer toegelaten zijn in nieuwe producten;
3) de EU-regels inzake de einde-afvalstatus worden binnen Europa niet uniform toegepast, waardoor onduidelijk is op welk moment afval wordt omgezet in nieuwe materialen en producten;
4) de regels om te bepalen welke afvalstoffen en chemicaliën gevaarlijk zijn, zijn niet goed op elkaar afgestemd en dit beïnvloedt het gebruik van secundaire grondstoffen.

Ten aanzien van punt 4 constateert de Europese Commissie dat de indelingsregels voor enerzijds chemische stoffen en anderzijds afvalstoffen niet volledig op elkaar zijn afgestemd. Een verschillende indeling kan gevolgen hebben indien een teruggewonnen product na hergebruik toch als gevaarlijke stof ingedeeld moet worden. De Commissie wil tot meer samenhang in de indelingsregels komen en richtsnoeren uitbrengen die voor duidelijkheid zorgen. De Commissie vraagt of de regels verder op elkaar afgestemd moeten worden.

Terughoudend

Nederland is op dit punt terughoudend. Het op korte termijn harmoniseren van de indeling kan tot ongewenste effecten leiden. Pas vanaf 2015 zijn de indelingsregels voor afvalstoffen aangescherpt en in lijn gebracht met die voor chemische stoffen. Het gevolg is dat veel kunststoffen in de afvalfase - door de aanwezigheid van bijvoorbeeld functionele toevoegingen als brandvertragers, weekmakers en kleurstoffen - door de Commissie worden aangemerkt als gevaarlijk afval. Veel bedrijven die kunststofafval inzamelen en verwerken zijn niet in het bezit van een vergunning voor gevaarlijk afval en voldoen ook niet aan de zwaardere eisen die aan dergelijke vergunningen gesteld worden. Het is zeer de vraag in hoeverre die eisen nodig zijn voor de risicobeheersing. De decennia voor 2015 werden kunststoffen niet als gevaarlijk beschouwd. Een alternatieve oplossing voor hetgeen de Commissie bepleit is om die oude situatie met een uitzondering voor kunststoffen op Europees niveau te herstellen, aldus de minister.