Blog Nils Rosmuller (IFV): KLIC(ken)

Print     PDF

Door het Nibra (wie kent het nog?) is in 2006 de Handreiking buisleiding incidentbestrijding opgesteld en in beheer ondergebracht bij het IFV. Deze handreiking bleek bij onderzoek sterk verouderd, actualisatie was hard nodig. Met een groep van gebruikers en praktijkdeskundigen (buisleidingexploitanten, brandweer en bedrijfsleven) zijn we vanuit het IFV met de actualisatie aan de slag gegaan. Het gaat in de handreiking om de afstemming tussen de verschillende betrokken partijen bij incidentbestrijding als gevolg van ongevallen met buisleidingen met gevaarlijke stoffen.

Denken te weten is nog niet weten

‘So far so good’. Maarrrrrr…. Wat schetst mijn verbazing in de laatste minuten van de laatste projectgroepvergadering: er bleek onduidelijkheid te bestaan over de wijze waarop de informatie-uitwisseling verloopt tussen de meldkamer, het kabel- en leidinginformatiecentrum (KLIC, onderdeel van het kadaster) en de leidingbeheerder. De gehele projectgroep (inclusief ondergetekende) ‘dacht te weten’ hoe het zit: Als de centralist van de meldkamer, als gevolg van een 112-melding, contact opneemt met KLIC, dan zal het KLIC de relevante (gevraagde) gegevens van de buisleiding - zoals ligging, stof, exploitant, druk, … - verstrekken aan de centralist van de meldkamer (inclusief een factuur van € 19,-).

Het verstrekken van de noodzakelijke gegevens is echter nergens formeel geregeld (er is alleen wel de Wet Informatie-Uitwisseling Ondergrondse Netten (WION), met daarin een spoedprocedure voor uitwisselen van (contact- en ligging)gegevens).Vaak zal in de praktijk de desbetreffende KLIC-medewerker wel zo goed als mogelijk de vragen van de centralist proberen te beantwoorden, maar de officiële procedure is anders. En dat is - zo bleek - in buisleidingen-, meldkamer- en brandweerland onbekend. De varianten van informatie-uitwisseling die er zoal bestaan, zijn na te lezen in de geactualiseerde Handreiking buisleiding incidentbestrijding.

Één woord, meerdere betekenissen

De kern van de procedure vormt de zogenaamde calamiteitenmelding: de melding van de centralist wordt door de KLIC-medewerker ‘vertaald’ in een calamiteitenmelding. Let op: een calamiteitenmelding in KLIC-taal is een spoedmelding van machinale graafwerkzaamheden en zeker geen melding van ongeval door de meldkamer. Als een KLIC-medewerker, met enkele ‘clicks’, een calamiteitenmelding aanmaakt voor een bepaald zoekgebied (zoals op indicatie van de centralist aangegeven) verschijnt op het scherm van de KLIC-medewerker een lijst met de volgende informatie:

  •  gegevens van netbeheerders die kabels en leidingen in het opgegeven gebied hebben liggen;
  •  een lijst met noodnummers waarop deze netbeheerders bereikbaar zijn;
  •  aan- of afwezigheid van ‘buisleidingen gevaarlijke inhoud’;
  •  of er sprake is van een veiligheidsgebied.

Deze lijst wordt voorgelezen en zal per e-mail (ter bevestiging) worden verzonden aan de aanvrager/meldkamer  (‘ontvangstbevestiging’). De meldkamer dient zelf contact op te nemen met de beheerder van de buisleiding met gevaarlijke inhoud (BGI). Deze beheerders zijn 24/7 bereikbaar op het door de KLIC-medewerker aangegeven nummer.

Let op: in KLIC-taal betreft een veiligheidsgebied locaties zoals vliegvelden, kerncentrales en een aantal terreinen van defensie. Een volledige beschrijving van de veiligheidsgebieden vindt u in het Besluit informatie-uitwisseling ondergrondse netten, Artikel 8 op de website Wetten.nl. Ieder veiligheidsgebied heeft een beheerder.

Terminologie en procedure

Het gaat mij hier om twee dingen. Ten eerste de terminologie. Calamiteitenmelding en Veiligheidsgebied zijn termen die binnen de veiligheidsregio bij de incidentbestrijding opgeld doen maar die in KLIC-taal een volledig andere betekenis kennen. Daar waar partijen informatie van elkaar nodig hebben, is mijns inziens eenduidigheid in terminologie cruciaal. Zeker in acute (nood)situaties.

Ten tweede denken we met zijn allen te weten hoe iets is geregeld, terwijl dat niet zo blijkt te zijn. Met name als het gaat om de samenwerking tussen partijen in de acute fase van (buisleiding)incidentbestrijding, moet alle relevante beschikbare informatie gegarandeerd en volgens een vastgestelde en beproefde procedure beschikbaar komen, zonder kosten.

Beide zijn nu nog niet het geval. Het IFV, de meldkamers, de Velin en het KLIC werken aan de verbetering van deze wat onhandige situatie. Want als veiligheidsregio’s, meldkamers en de brandweer de proceskennis van de buisleidingbeheerders optimaal willen inzetten bij buisleidingincidentbestrijding, dan moet die ook gegarandeerd, eenduidig en snel beschikbaar zijn, én gratis!

Nils Rosmuller is lector Transportveiligheid bij het IFV

In Gevaarlijke Lading 2-2018 verschijnt een artikel van Nils Rosmuller over de binnenkort te verschijnen nieuwe Handreiking buisleiding incidentbestrijding (voor tijdschriftabonnees).