| Gelabeld in: Niet gelabeld | 27 juni 2010 |
| Geplaatst door: Robert Tieman | Reactie(s) (0) |
Het secretariaat van de UNECE heeft middels een document de voorgenomen wijzigingen in kaart gebracht ten aanzien van hoofdstuk 8.2 van het ADR 2011. Het betreft o.a. wijzigingen met betrekking tot de layout van het certificaat. Het Verenigd Koninkrijk heeft zich met name ingespannen om diverse wijzigingen door te voeren. Zo ook de mogelijkheid om de opleidingen te beperken tot bepaalde gevaarlijke stoffen zoals is beschreven in WP 15 2009/4 Een aantal wijzigingen op een rij. (bron foto: www.macquel.be)
ADR 2011 - 8.2.1.5 When a vehicle driver has, in the 12 months before the date of expiry of his certificate, completed refresher training and has passed a corresponding examination, the competent authority shall issue a new certificate, the period of validity of which shall begin with the date of expiry of the previous certificate.
ADR 2009 - 8.2.1.5 By means of appropriate endorsements on his certificate made every five years by the competent authority or by any organization recognized by that authority, a vehicle driver shall be able to show that he has in the year before the date of expiry of his certificate completed refresher training and has passed corresponding examination. The new period of validity shall begin with the date of the certificate.
ADR 2011 - 8.2.2.6.6 The approval document shall indicate whether the courses concerned are basic or specialization training courses, initial or refresher training courses, and whether they are limited to specific dangerous goods or to a specific class or classes.
ADR 2009 - 8.2.2.6.6 The approval document shall indicate whether the courses concerned are basic or specification courses, initial or refresher courses.
ADN(R) 7.2.3.7.2 Geloste of lege ladingtanks, die andere als de onder 7.2.3.7.1 genoemde gevaarlijke stoffen hebben bevat, mogen tijdens de vaart met behulp van geschikte ventilatie-inrichtingen worden ontgast, mits de tankdeksels zijn gesloten en de afvoer van het gas/luchtmengsel via vlamkerende inrichtingen, die een duurbrand kunnen doorstaan, plaatsvindt. Onder normale bedrijfsomstandig-heden moet op de plaats van uittreding van het gas/lucht-mengsel de concentratie aan product minder dan 50% van de onderste explosie-grens bedragen. Geschikte ventilatie-inrichtingen bij de zuigende ontgassing mogen slechts met een direct op de zuigzijde van de ventilator aangebrachte vlamkerende inrichting worden gebruikt. De gasconcentratie moet bij blazende of zuigende werking van de ventilatie-inrichtingen tijdens de eerste twee uren na het begin van het ontgassen ieder uur door een deskundige als bedoeld in 7.2.3.15 worden gemeten. De meetresultaten moeten schriftelijk worden vastgelegd. In de buurt van sluizen, inclusief hun voorhavens, is het ontgassen verboden. 

